Een deel van dit opiniestuk is geplaatst in de lezersreacties van de Volkskrant. Bekijk dat artikel hier.
Al op dinsdag 11 november had ik ’s ochtends moeite om mijn bed uit te komen, omdat ik vastzat in een online actiepagina vol met “de beste Black Friday-aanbiedingen”. Ook al ben ik me bewust van alle marketingtrucs, er is geen ontkomen aan Black Friday. Er is geen groot alternatief.
Met pop-ups, meldingen, nieuwsbrieven en tv-commercials worden we er voortdurend aan herinnerd dat we iets nieuws moeten kopen. En alsof dat nog niet genoeg is, zijn er nu ook websites met spelletjes die onze aandacht grijpen en ons verslaafd maken aan korting en eindeloos shoppen. Overal online is reclame; onze digitale leefomgeving is als een spinnenweb, en wij zijn de vlieg.
Jongeren van nu zijn de eerste generatie die dit als normaal beschouwt. We weten niet beter dan vandaag besteld, morgen in huis; bestellen met één klik, en achteraf betalen. In ons verlangen naar snelheid en gemak zijn we onderweg de controle over het stuur verloren. We laden onze mandjes vol, terwijl onze kasten thuis uitpuilen van vergeten producten die nog werken. Overconsumptie is schadelijk, maar de feestelijke beneveling van Black Friday maakt ons koopverslaafd én blind voor de gevolgen.
Kopen geeft kortstondig geluk, en Black Friday speelt daarop in. Als jongeren zijn we lijdend voorwerp van een marketingmachine die onze aandacht al sinds onze jeugd in haar macht heeft. We worden een commerciële fuik ingezogen en hebben het punt bereikt dat we niet meer tegen de stroom in kunnen zwemmen. Dus hebben we een andere afslag nodig.
Om jongeren naar een andere manier van consumeren te bewegen, moeten we onze vatbaarheid voor prikkels benutten voor iets positiefs. We hebben een tegenhanger van Black Friday nodig: een moment waarop niet korting en kopen in de spotlight staan, maar waar we circulariteit en duurzaamheid vieren, in plaats van consumentisme. Een moment waar tweedehands en reparatie extra aantrekkelijk is.
De circulaire economie staat nog niet genoeg in de schijnwerpers, maar is wel heel belangrijk. Ze vermindert uitstoot, verkleint de impact van mijnbouw op biodiversiteit en arbeidsomstandigheden, bespaart kosten doordat we minder nieuwe grondstoffen en productie nodig hebben, en maakt ons bovendien veiliger doordat we minder afhankelijk worden van autocratische regimes.
Maar hoe ziet zo’n alternatief er dan uit, en hoe verpak je dat op een aantrekkelijke manier? Geef in de maand november bijvoorbeeld 50% korting op reparaties en doop Black Friday om tot Repair Friday. In Oostenrijk bestaat zo’n regeling al voor reparatie van elektronica. En met succes: in het eerste jaar werden er meer dan 500.000 reparaties uitgevoerd. Het laat zien dat mensen wél willen repareren, zolang je het interessant en betaalbaar maakt.
Daarnaast komt reparatie met een extra voordeel: het herstelt niet alleen een product, maar ook jouw relatie ermee. Je ziet een apparaat niet langer als een inwisselbaar object, maar als iets wat de moeite waard is om te behouden. Hiermee verander je ook hoe je kijkt naar het kopen van nieuwe producten: niet meer als een kortstondige gelukspiek, maar als iets dat je voor langere tijd wilt gebruiken en koesteren.
Als je die korte gelukspiek toch wilt, kies dan voor tweedehands. Denk je dat een groot tweedehands alternatief onmogelijk is? In Nederland kunnen we dit juist wél; de vrijmarkt op Koningsdag is een van de grootste tweedehands evenementen ter wereld. Dus waarom niet een vergelijkbare dag als alternatief voor Black Friday?
Prinses Amalia is jarig op 7 december, precies op tijd voor tweedehands kerstinkopen. Laten we daarom vanaf nu ook elk jaar Kroonprinsessendag vieren, als een aantrekkelijk, grootschalig en circulair alternatief voor Black Friday. Zo kunnen we nog steeds royaal uitpakken met de feestdagen, maar hebben wij en de natuur echt profijt van wat er in het cadeaupapier zit.

