Jongeren zien in de toekomst graag dat bedrijven rekening houden met de impact op mens en milieu. Dit zorgt ervoor dat we een eerlijke, te controleren en circulaire economie hebben in Nederland. Hoe moeten bedrijven dit doen? Bedrijven kunnen drie belangrijke acties nemen: overgaan op circulaire verdienmodellen, true pricing toepassen, en de eigendomsstructuur van het bedrijf aanpassen. Bedrijven kunnen hier in samenwerken om dit voor elkaar te krijgen. Maar ook de overheid kan hier in sturen door een aantal maatregelen. De overheid kan bijvoorbeeld zorgen dat mensen langer garantie hebben op een product. Zo worden producten van hogere kwaliteit gemaakt en niet om weg te gooien. Ook kan de overheid ‘true pricing’ toepassen. Dit houdt in dat de overheid vraagt aan bedrijven om de echte prijs van een product te berekenen. In de prijs neem je dan bijvoorbeeld mee als een product schade toebrengt aan de natuur, de gezondheid van mensen, of te veel CO2 uitstoot. Als laatste, moet het makkelijker zijn voor sociale ondernemingen om een bedrijf te hebben. Dit doen we door een nieuwe rechtsvorm in te voeren. Naast een ZZP-bedrijf, VOF of BV, krijg je dan ook een maatschappelijke BV (BVm).

Wat zijn circulaire verdienmodellen?

Op dit moment verdienen veel bedrijven geld doordat consumenten (jij en ik) eens in de zoveel tijd iets nieuws nodig hebben of willen. Bijvoorbeeld kleding, apparaten of meubels. In een lineaire economie verkoopt een bedrijf een product, we gebruiken dat een tijd, en dan gooien we het weg. In een circulaire economie, probeer je te zorgen dat producten zo lang mogelijk meegaan. Een circulair verdienmodel is dus een manier voor bedrijven om geld te verdienen, waarbij niet steeds nieuwe producten worden gemaakt, maar waar producten bijvoorbeeld worden hergebruikt, verhuurd of gerecycled.